Een goede gehaktbal, zegt Jan Jongbloed in zijn biografie Aparteling bevat hoe dan ook een portie uitjes. En als hij naar het duel Manchester United-Chelsea kijkt, bepaalt hij voor zichzelf of de defensies goed gestaffeld staan.

Het onlangs verschenen en door journalist Yoeri van den Busken geschreven ‘Aparteling’ bevat een wonderlijke mix van voetbalverhalen en levenswijsheden. Jongbloed speelde als doelman van FC Amsterdam en Roda JC twee WK-finales maar was wars van sterallures. Hij bleef altijd die nuchtere Amsterdammer die opgroeide in een volksbuurt en nu grif toegeeft dat sport niet de enige liefde was in zijn leven. ‘Vissen, vrouwen en voetbal’ – in die volgorde – waren zijn passies. 

DWS – Feyenoord (1961)

“Vissen is een avontuur”, zegt de doelman die graag een borreltje-cola dronk op de avond voor een belangrijke wedstrijd. Jongbloed kan in Aparteling fijn uitweiden over zijn grote hobby en weet  als geen ander dat aan het vangen van een snoek een fijnzinnig samenspel van vakmanschap en geduld vooraf gaat. Vervolgens gaat hij in op vraagstukken die de Nederlandse voetbalvolger tot op de dag van vandaag bezighouden. Waarom ging het fout in de finale van 1974 tegen Duitsland? Hoe was de rol van Cruijff in het veelgeroemde totaalvoetbal? En, ook niet onbelangrijk: hoe zat het nu precies met die beruchte zwembadaffaire?

WK 1974, na afloop van Nederland – Bulgarije 4-1 met Johan Cruijff

Het aardige aan Jan Jongbloed is dat hij zich nergens alwetend opstelt. Als eerste keeper stond hij overal vooraan maar hij beantwoordt alle vragen met een Amsterdamse kwinkslag. “Waarom we niet gewonnen hebben? Omdat we twee keer niet goed genoeg waren”,  klinkt het optimistisch, wanneer zijn biografie ter sprake komt. In Aparteling gaat hij meer de diepte in en blikt hij met bescheidenheid terug op het totaalvoetbal, de looplijnen en de gemiste kansen van het WK-team van 1974 en 1978 

Maar ook dan geldt, dat hij niet teveel wil terugkijken op prestaties uit het verleden. “Als je achterom kijkt, stoot je je kop tegen een paal”, is een levenswijsheid die zijn vader hem al op vroege leeftijd meegaf. “Je moet een koe niet in zijn reet kijken”, zijn de woorden die hij zelf graag gebruikt.

Juichende Jongbloed met een geblesseerde Feyenoorder, Feyenoord – Roda JC (1979)

Volkomen ernstig ernstig wordt Jongbloed wanneer het over zijn overleden zoon Eric gaat. De jongen werd begin jaren tachtig op  21-jarige leeftijd door bliksem getroffen tijdens een wedstrijd van de Amsterdamse amateurclub DWS. Heel Nederlands praatte over het trieste ongeluk, iets wat zijn vader Jan nog altijd moeilijk afgaat. “Het is te pijnlijk, ik heb het er niet graag over. Ik vond het ook moeilijk om passages over Eric terug te lezen”, aldus de doelman.

WK 1974 Nederland – Brazilie (2-0), juichend na doelpunt

Gelukkig wordt Jongbloed bij het tot stand komen van Aparteling volop gesteund door zijn dochter Nicole. Yoeri van den Busken krijgt alle gelegenheid vragen over het onderwerp te stellen en schrijft in het dankwoord dat Aparteling niet tot stand zou zijn gekomen zonder haar hulp. Nicole en haar vader lieten de schrijver toe in de zeer hechte familie die onmiskenbaar littekens draagt, maar het leed waardig een plaats geeft en met Amsterdamse hartelijkheid het leven doorgaat. Aparteling is daardoor duidelijk veel meer dan slechts een sportboek. Het is een boek over het leven, dat de hoofdpersoon langs voetbaltheaters, Amsterdamse kroegen, lief en  leed bracht. 

Beeld: Nationaal Archief/Anefo/diverse fotografen