“Ik heb leren lezen met Kick Wilstra” was een veelgehoorde uitspraak afgelopen zaterdag in Groningen. Als fictieve superster beleefde wonder-midvoor Kick Wilstra honderden avonturen. In de jaren vijftig droomden Nederlandse jongetjes van een carrière als die van Kick. Al die avonturen zijn inmiddels gebundeld in twee stripboeken. Deel twee werd zaterdag uitgereikt aan nabestaanden van Kick Smit, Faas Wilkes en Abe Lenstra, de voetbalsterren aan wie Kick Wilstra zijn naam dankt. Plaats van handeling was het Nederlands Stripmuseum in Groningen, waar aansluitend de expositie ‘Kick Wilstra scoort’ werd geopend.

kickwilstra
Ruim 65 jaar geleden, in november 1949, beleefde Kick Wilstra zijn eerste avonturen. Henk Sprenger bedacht, tekende en schreef de verhalen van de aanvaller, die werden gepubliceerd in verschillende Nederlandse kranten. Kick groeide op in een tijd dat betaald voetbal een heet hangijzer was en dit onderwerp komt dan ook veelvuldig terug in zijn voetballeven. “Hoe komen zij aan zulke lyderlijke leugens”, zegt Kick tijdens een avontuur waarin hij wordt verdacht van het ondertekenen van een profcontract.

soccerfanshop.nl

Voetbalheld Kick zette de Nederlandse jeugd aan om te voetballen én te lezen. Want wie wil nou niet net zo’n carrière als Kick hebben? Wilstra was meer dan een geweldige spits. Naast verdedigers hadden ook boeven en ander gespuis aan Kick een heel lastige. Bovendien was hij de eerste in een nieuw soort strip: de voetbalstrip. Na het pionierswerk van Sprenger volgden vele andere helden, waaronder Appie Happie en Roel Dijkstra.

CAM00234De expositie toont niet alleen het historische tekenwerk van Henk Sprenger, ook Kick Smit, Faas Wilkes en Abe Lenstra worden geëerd in het Stripmuseum. Zo is onder meer een origineel Nederlands Elftal-shirt te zien van Smit, dat hij droeg tijdens de interland tussen Nederland – Ierland in 1934 (5-2, met twee treffers van Smit).

De expositie is tot 31 januari 2016 te bezoeken in het Nederlands Stripmuseum in Groningen. Voor iedere voetballiefhebber een aanrader.


Jurrien Koop

Bovenste foto: Rudy Leukfeldt