Ferenc Puskás staat in de middencirkel, met de bal, te wachten tot de wedstrijd begint. Hij houdt de bal een aantal keren hoog, legt ‘m stil op z’n voet, wipt ‘m weer op en speelt met een hakje een teamgenoot aan. De Engelse commentator Kenneth Wolstenholme komt superlatieven tekort: “Zo, wat een vertoning, wat een balcontrole, moet je eens kijken. Ik denk dat we vandaag erg veel moeite zullen hebben met de Hongaren.”

Een kleine minuut later ligt de bal al in het net. Nándor Hidegkuti ontvangt de bal na een combinatie door de as, maakt een lichaamsschijnbeweging, dribbelt het zestienmetergebied in en schiet snoeihard raak: 0-1. Het vormt de opmars voor een legendarische zege van de Hongaren, die de Engelse ogen voor eens en voor altijd zou openen.

soccerfanshop.nl

 

final-staan-tributeDe geschiedenis van het voetbal kent vele vermakelijke, spannende en verrassende wedstrijden. Toch leeft slechts een beperkt aantal daarvan voor altijd in de herinnering voort. Wedstrijden die een levende legende creëerden, een nieuw tijdperk inluidden of de manier van denken veranderden zijn zeldzaam en verdienen daarmee de titel ‘historisch’. Engeland-Hongarije (3-6) uit 1953 was zo’n wedstrijd.

Anno 1953 konden legendarische wedstrijden nog vriendschappelijk zijn, al stond er een hoop prestige op het spel. Engeland verloor nog nooit een thuiswedstrijd van een continentale tegenstander, terwijl de Magische Magyaren al 24 wedstrijden op rij ongeslagen waren. Vriendschappelijk of niet, in Engeland werd het duel aangekondigd als “Wedstrijd van de Eeuw”.

Tactische superioriteit
Toch lag het legendarische karakter van deze wedstrijd dieper verscholen. Hongarije had in de persoon van Gusztáv Sebes een tactisch meesterbrein. De trainer was zijn tijd ver vooruit.
 Sebes introduceerde doordachte fitness- en trainingsschema’s en stond aan de wieg van het Nederlandse totaalvoetbal door zoveel positiewisselingen van zijn spelers te eisen dat ze op elke plek in het veld uit de voeten moesten kunnen. Puskás zei daarover: “Wanneer we aanvielen, viel iedereen aan en wanneer we verdedigden, verdedigde iedereen. Wij waren het prototype van het totaalvoetbal.”

Bovendien voerde Sebes een tactische variant door. Hij liet zijn aanvalsleider Hidegkuti, klein van postuur en vaak niet opgewassen tegen het fysieke geweld van de mandekkers van de tegenstander, als een valse spits spelen. De stopperspil van Engeland, Harry Johnston, bleef daardoor in verwarring achter. Als hij doordekte op Hidegkuti, viel er een groot gat in zijn rug. Maar als hij bleef staan, kon Hidegkuti vrij rondzwerven en het spel verdelen. “Voor mij was de totale hulpeloosheid het ergst”, schreef Johnston erover in zijn biografie. “Er was geen enkele mogelijkheid om de onverbiddelijke werkelijkheid te veranderen.”

Het contrast met de Engelsen was enorm. De Britten liepen op tactisch gebied mijlenver achter op “die Hongaren in hun kersenrode shirts”. Sportjournalist Jonathan Wilson schreef daarover: “Techniek en dingen waar je al te nadrukkelijk over moest nadenken, dienden te worden gewantrouwd en fysieke taaiheid was en bleef de grootste deugd. Het is geen toeval dat naast het wereldkampioenschap van 1966 het meest sprekende beeld van het Engelse voetbal is dat van Terry Butcher, met een van bloed doordrenkt verband om zijn hoofd, gewond maar niet gebroken.”

De wedstrijd wordt in Hongarije nog altijd als historisch gezien. Een fantastische muurschildering in Boedapest (openingsfoto) herinnert er onder meer aan.

Tekst: Marco van der Heide 
Illustratie: Yulianto Stomphorst
Openingsfoto: Joris Kaper

Het hele artikel stond eerder in het ‘0-nummer’ van Staantribune, dat binnen een paar weken was uitverkocht.