Over de joodse kenmerken, sympathie en leden van Ajax is veel geschreven, maar over joodse leden van Feyenoord is weinig bekend. Dat is op zich logisch: de club schreef op de lidmaatschapskaarten wel het geloof van een lid op, maar was niet uitgesproken religieus. Feyenoord was werkelijk een volksclub, waarin christenen, joden, katholieken en een enkele niet-gelovigen samen voetbalden. De geschiedenis van de Feyenoord-joden is er niet minder tragisch om.

Zo was er de familie Naarden, woonachtig in de wijk Hillegersberg. De in Amsterdam geboren vader Barend Naarden was eigenaar van een kledingzaak aan de Pretorialaan in de Afrikaanderwijk en donateur van de club. Zijn zonen Aron en Emmanuel waren spelend lid. Op 1 mei 1940 schreef Aron zich uit, officieel ‘bij gebrek aan animo’. Afgevraagd kan worden of hij de tijdsgeest aanvoelde en zich daarom uitschreef, maar zijn jonge leeftijd (twaalf jaar) maakt dat onwaarschijnlijk. Zeker ook omdat zijn één jaar oudere broer Emmanuel wel lid bleef, totdat hij op 15 september 1941 op last van de Rijkscommissaris moest worden uitgeschreven.

soccerfanshop.nl

Het joodse Feyenoord-gezin moest haar geloofsbelijdenis bekopen met een verschrikkelijke dood. Vader Barend werd op 31 augustus 1944 vergast in Auschwitz. Zijn vrouw Catho Louise en zoon Aron waren al twee jaar eerder, op 14 september 1942, op dezelfde plek, op dezelfde gruwelijke wijze omgekomen. Emanuel overleed op 31 september 1943 in Kamp Seibersdorf. De kledingwinkel van de familie Naarden werd na de bevrijding overgenomen door Feyenoord-speler Chris Sinke.

140916-auschwitz-0504_27a6370f4bd1f0835d9ca62c6a5541e0
Zo zijn er meer joodse Feyenoorders die de oorlog niet overleefden. Van de tweeëntwintig leden en donateurs die door oorlogshandelingen overleden, zijn er zes joods, waaronder vader en zoons Naarden. Ook de Feyenoord-joden Salomon Velleman, Herman de Vries en Leendert Droomer kwamen om in kampen.

Ajax geen joodse club
Historisch onderzoek van onder meer Simon Kuper laat zien dat Ajax geen uitgesproken joodse club was. De Amsterdamse club had, net als Feyenoord, joodse leden en supporters, maar bij het uitbreken van de oorlog geen significant grote hoeveelheid joodse spelers. Dat maakt de joodse tragedie er overigens niet minder om. Zo werd Eddy Hamel, een vooraanstaande joodse oud-speler door de Duitsers vermoord. Hamel, geboren in New York, voetbalde tussen 1922 en 1930 in het eerste elftal van Ajax. Op 30 april 1943, op 41-jarige leeftijd, kwam hij om in Auschwitz.

Sommige andere joodse Ajax-leden zaten ondergedoken. Zo was Jaap van Praag, spelend in een lager elftal, ingetrokken bij bestuurslid Jan Schoevaart, de vader van de latere clubarchivaris Wim Schoevaart. Van Praag werd later een iconische voorzitter van de Amsterdammers, net als zijn zoon Michael. Ook Johnny Roeg, evenals Hamel een joodse oud-eerste-elftalspeler, overleefde de oorlog door onder te duiken.

Mark Lievisse Adriaanse

Lees ook: Ajax en Feyenoord verbonden in oorlogsverdriet