Een evenement van de fans en voor de fans. Voor deze opzet heeft Club Brugge gekozen bij de expositie ter ere van het 125-jarig bestaan van de club. De Stadshallen Belfort op de Brugse Markt kleuren blauw en zwart, een eerbetoon aan een van de meest succesvolle clubs in de historie van het Belgische voetbal.

“We hebben vooral veel moeite moeten doen om de relikwieën voor deze tentoonstelling bij elkaar te verzamelen”, vertelt de Club Brugge-fan die zich aan de kassa bezighoudt met het verkopen van de toegangsbewijzen. “We hebben flink onderschat hoeveel materiaal  moet worden verzameld om een bezoek aan deze tentoonstelling interessant te maken.” Uiteindelijk is de organisatie geslaagd in deze missie. De Stadshallen zijn voorzien van verschillende herinneringen aan de populairste club van de stad.

soccerfanshop.nl

De bezoeker wordt op een indrukwekkende manier meegenomen in de geschiedenis van de club. In chronologische volgorde zijn de verschillende periodes in de historie opgeknipt, die worden gepresenteerd met vaantjes, foto’s, artikelen, bekers, shirts en programmaboekjes.

Zo neemt een foto van het gebroken jukbeen van Pascal Plovie (tegenwoordig materiaalman van Brugge) de fan terug naar een opvallend moment uit het verleden. Plovie ontving in november 1990 een elleboogstoot van Marco van Basten in de Europa Cup 1-wedstrijd tussen Club en AC Milan. Door deze elleboogstoot verloor de verdediger ook een aantal tanden.

De vitrinekasten zijn ook voorzien van foto’s van Ernst Happel, de trainer die aan het roer stond in de periode waarin de grootste Europese successen werden behaald. De jaren 1975–1978 zijn de gloriejaren van de club. Onder zijn motto ‘Kein geloel, fussball spielen’ loodste Happel de club achtereenvolgens naar de finale van de UEFA Cup en de finale van de Europa Cup 1. In beide finales was Liverpool te sterk.

De expositie is te bezoeken op een plek die dichtbij de oorsprong van de club staat. “Onze club is opgericht in restaurant La Civière D’or”, vertelt de organiserende fan bij de verkoopbalie. “Dat was vroeger een café waar in 1891 de voorloper van Club Brugge het levenslicht zag. Het restaurant is gelegen aan de andere kant van de Markt.” Bij het ontstaan van de vereniging werd de naam ‘Brugsche Football Club’ aan de club verbonden. Drie naamswijzigingen verder heet het monument inmiddels officieel ‘Club Brugge Koninklijke Voetbalvereniging’.

Maquettes van het oude Albert Dyserynckstadion, een selectie aller tijden, verschillende odes aan de clubliederen en levensgrote banners van de succesvolste spelers die de club heeft voortgebracht. Dit alles is verpakt in de expositie. Bovendien kunnen de bezoekers genieten van een wand vol met statistieken, zoals de herkomst van alle spelers uit de geschiedenis, de top tien jongste spelers en alle Europese bestemmingen van de club.

In de vitrines is ook een speciale plek gereserveerd ter nagedachtenis aan François Sterchele. Als speler van Club Brugge kwam Sterchele in 2008 om het leven bij een auto-ongeluk. Hij was bezig aan zijn eerste seizoen in de blauw-zwarte clubkleuren.

De expositie duurt tot zondag 8 januari.