Gastland Gabon en Guinea-Bissau trappen morgen af voor de 31ste editie van de Africa Cup. Wat in Afrika een tweejaarlijkse hoogmis van het voetbal is, zien de Europese clubs vooral als een ongewenste belasting op de overvolle speelkalender. Een verhuizing van het toernooi naar de zomermaanden is echter uitgesloten, simpelweg omdat het klimaat in Afrika dat niet toelaat.

De Afrikaanse voetbalbond (CAF) haalde het toernooi in 2013 wel weg uit de even WK-jaren om te vermijden dat landen te veel op twee gedachten zouden hinken. Of die kalenderverschuiving daadwerkelijk iets heeft uitgehaald, is afwachten. Afrika leverde op het laatste WK in Brazilië twee landen bij de laatste zestien, de beste prestatie sinds 1994.

soccerfanshop.nl

Voetbal & politiek
Wie Afrika en voetbal zegt, denkt meteen aan de verstrengeling tussen sport en politiek. De Africa Cup is hét middel gebleken om het nationale prestige op te vijzelen. De aanlopen naar de vorige edities van het belangrijkste voetbaltoernooi in Afrika stonden dan ook telkens bol van de politieke controverses. Het begon in 2010 met een aanslag op de Togolese spelersbus door separatisten in Angola, waarbij een assistent-coach en de buschauffeur omkwamen. De Togolose spelers wilden het toernooi niettemin afwerken, maar zij werden teruggefloten door hun overheid. In 2012 kreeg het toernooi een extra dimensie door de Arabische Revolutie die als een sluier over de Africa Cup hing.

Ebolavirus
De editie 2015 was oorspronkelijk toegewezen aan Marokko, tot het ebolavirus zich een weg baande door West-Afrika. De Marokkaanse overheid zag liever geen teams uit de besmette regio afreizen en trok zich terug als organisator. Een beslissing die als een blamage overkwam bij de Afrikaanse federatie en Marokko kreeg meteen een diskwalificatie aan de broek. Het toernooi verhuisde in allerijl naar Equatoriaal-Guinea, een semi-dictatuur dankzij de olieontginning.

Dit jaar opent buurland Gabon zijn deuren voor de rest van het continent, maar ook Gabon heeft een kwalijke reputatie op het vlak van democratische waarden. In september werd president Ali Bongo herkozen, maar over die verkiezing hangt een waas van fraude. De familie Bongo heeft al dertig jaar de touwtjes strak in handen en consolideert haar macht door de olie-industrie. In een perfecte wereld was het toernooi bovendien bestemd voor Libië, maar door de burgeroorlog was de CAF slim genoeg om ruim op voorhand een nieuwe gastheer te zoeken.

Belgen aan het roer
Sinds 2012 is er telkens minstens één Belgische bondscoach aanwezig geweest op de Africa Cup. Een opvallend feit, want de Belgische trainer exporteert zichzelf – in tegenstelling tot zijn Nederlandse collega – normaal niet in groten getale. Na Raymond Goethals in Marseille waren er enkel nog de opmerkelijke passage van Michel Preud’homme bij FC Twente en de voortdurende wereldreis van Tom Saintfiet die in het oog sprongen.

In de politieke broeihaard van Gabon gaan twee veteranen van het Belgische trainersgilde, Georges Leekens bij Algerije en Hugo Broos bij Kameroen, op zoek naar Afrikaanse glorie. Zij hopen beter te presteren dan Paul Put in 2013. Die bereikte met Burkina Faso, een historische laagvlieger in Afrika, tot ieders verbazing de finale. Twee jaar later was de magie verdwenen en strandde Burkina Faso in de groepsfase. Voor Leekens is het niet zijn eerste kennismaking met de Africa Cup. Eerder coachte hij Algerije in 2004 en Tunesië in 2015, maar verder dan de laatste acht geraakte hij niet.

De plotse aantrekkelijkheid van de Belgische trainer is echter niet toevallig. De nieuwe status van De Rode Duivels als wereldtopper heeft het Belgisch voetbal in het algemeen opgewaardeerd. Alles wat uit België komt, moet wel goed zijn, is de gedachte in veel kleine voetballanden. Dit fenomeen zorgde er ook voor dat Nederlandse trainers vanaf de jaren negentig overal ter wereld aan de slag konden.

Qua spelersmateriaal is Leekens rijkelijk bedeeld. Met Les Fennecs krijgt Mac The Knife een getalenteerd team onder zijn hoede. Spelers zoals Riyadh Mahrez, Islam Slimani en Nabil Bentaleb zijn Afrikaanse toppers. Algerije draagt echter de reputatie met zich mee van underachiever op het continent. Broos liet in Kameroen een nieuwe, professionele wind waaien door de federatie en de nationale ploeg en weigerde toppers uit Europa een voorkeursbehandeling te geven. Zo haakten zeven spelers vrijwillig af nadat de voorselectie was bekendgemaakt. Broos’ no-nonsense aanpak stelde niettemin orde op zaken in de chaos die het Kameroense voetbal de laatste jaren overspoelt.

Wie van de twee Belgische coaches als onderlinge winnaar uit de bus komt, weten we uiterlijk op 5 februari. De grootste verliezer van de Africa Cup is alvast bekend. Dat zijn de Europese clubs, kreunend en buigend onder de overvolle kalender.

Jeroen Dejonckere
Staantribune-volger