fancy.62384_20130312_1487017051513efa15ab1eeIn de jaren tachtig, toen er nog hout in de tribunes van het Ottenstadion van AA Gent was verwerkt, hoorde je elke thuiswedstrijd wel eens geroepen worden: “Wa goat d’r doar van komeuh …? “ Vrij vertaald: “Waar moet dit heen?”

De ploeg was in de jaren zeventig naar de tweede klasse gezakt en het herstel verliep moeizaam. Voor veel volgers was de degradatie een aanleiding om supporter van Club Brugge te worden, wat nog altijd voor een deel de rivaliteit tussen beide clubs verklaart. Maar vorige week werd AA Gent werd voor het eerst in zijn 115-jarig bestaan kampioen van België.

soccerfanshop.nl

Het was de tijd dat Aad Koudijzer (ex-Sparta) van voorzitter en asfaltkoning Albert De Meester net voor de training geld kreeg toegestopt om als premie onder de spelers te verdelen, het bedrag van omgerekend zo’n vijfduizend euro niet in de kleedkamer durfde achter te laten en er dan maar, opgeborgen in zijn sokken, mee trainde. AA Gent – de AA is een overblijfsel van de Atletiek Associatie die aan de club was verbonden – kreeg in die jaren soms op het secretariaat al eens alcoholisten aan de lijn, herinnerde oud-voorzitter Robert Naudts zich onlangs in een interview, met de vraag wanneer de volgende bijeenkomst van de AA in Gent was.

De Buffalo’s, zo genoemd naar supportersgezangen die weerklonken nadat Buffalo Bill de stad had aangedaan met een cowboy- en indianencircusact, zouden aan het eind van de jaren tachtig nog eens naar de tweede klasse zakken. Met Jean Van Milders als voorzitter werd de schuldenberg alleen maar groter. Van Milders was een heer van stand, maar zonder voetbalverstand. Hij had fortuin gemaakt in de wereld van de catering en was afkomstig van de andere kant van het land, waardoor hem steeds een gebrek aan clubliefde werd verweten. Pascal De Vreese, voormalig spits van de ploeg, sprak hij op training ooit toe met “Ah, Patrick! Hoe is het?” Wist de voorzitter veel hoe zijn spelers heetten.1043951

De schulden dikten ondertussen aardig aan en tegen de tijd dat Ivan De Witte, als voorzitter, en Michel Louwagie, als algemeen manager, in het zadel zaten moest er een put worden gedempt van omgerekend 23 miljoen euro.

René Vandereycken kwam als trainer desondanks zowaar in de buurt van de landstitel, ware het niet dat de Poolse doelman tijdens de beslissende wedstrijden een vreemde vormcrisis doormaakte en naast de ploeg werd gezet. De Nederlander Eric Viscaal daarentegen werd in zijn beste dagen door de supporters op handen gedragen. Niet alleen waren zijn kapbewegingen onnavolgbaar, ook het penaltydoelpunt dat hij in het seizoen 1992-1993 tegen Cercle Brugge maakte, vergrootte zijn aura. Viscaal had een paar minuten daarvoor namelijk net als reservedoelman – Zsolt Petry (later reservekeeper bij Feyenoord) had rood gekregen en Gent mocht geen vervangingen meer doen – zelf een penalty gestopt.vieren-fans(3)(aa-gent)(21-05-2015)

Zeven Nederlandse trainers werkten in dienst van AA Gent, Han Grijzenhout, Gerard Bergholtz, Ab Fafié, Hans Dorjee, Johan Boskamp, Henk Houwaart en Jan Olde Riekerink. Maar een sterke indruk lieten ze, op Han Grijzenhout en Johan Boskamp na, niet achter. Onder Johan Boskamp was het dat Michel Louwagie – door Boskamp smalend ‘die badmuts’ genoemd, wegens zijn bijbaan als voorzitter van de zwembond – de schuldenbubbel publiek werd gemaakt als antwoord op Boskamps vragen waarom er nergens geld voor was. Gent moest zich tijdens de jaren van sanering behelpen met spelers van de tweede garnituur, zoals Abdelmalek Cherrad, die na een ruzie met Mustapha Oussalah naar zijn naast het oefenterrein geparkeerde wagen liep, de kofferbak opende, er een honkbalknuppel uithaalde en zijn ploegmaat te lijf ging.

Door het uitblijven van successen kon de Gentenaar zijn typerende cynische humor en tegendraads karakter botvieren, maar langzaam kwam er meer stabiliteit in de club en werd de kwaliteit van de trainers en spelers beter. Trond Sollied was een ontdekking waar Gent – en later Club Brugge – jaren plezier aan hebben beleefd.fancy.93222_20150315_6408851085505405054f33

Geholpen door de stad, de lokale bank VDK, hoofdsponsor sinds 1989, en de verkoop van Mbark Boussoufa (Anderlecht), Bryan Ruíz (Twente) en Nicolas Lombaerts (Zenith Sint-Petersburg) raakte de schuld weggewerkt en kon er een nieuw stadion worden gebouwd. Michel Preud’homme had in het oude Ottenstadion de club er voor het eerst in doen geloven dat een titel stilaan tot de mogelijkheden behoorde: AA Gent won onder hem de beker én eindigde in datzelfde seizoen tweede.

Het afscheid van het Ottenstadion viel sommige supporters zwaar. Ze hadden, wist de voorzitter, in de Ghelamco-arena een succeservaring nodig om het nieuwe stadion helemaal in de armen te kunnen sluiten. Dat succes is ze nu met de eerste landstitel sinds de club 115 jaar geleden werd opgericht ten deel gevallen. Het is het gevolg van een langdurig en doordacht proces, geen opportunistische toevalstreffer, en dat is ook waarom nagenoeg iedereen de club de titel zonder rancune gunt.

Hein Vanhaezebrouck, een toptrainer met een duidelijke en positieve voetbalvisie, laveerde zijn ploeg dit seizoen vakkundig langs alle valkuilen op en naast het veld en bouwde zijn offensief spelsysteem rond onder anderen Sven Kums, Brecht Dejaeghere, Danijel Milisevic en topschutter Laurent Depoitre, die de trofee Jean-Claude Bouvy in ontvangst mocht nemen. Die prijs is genoemd naar een in de jaren tachtig overleden publiekslieveling en wordt elk jaar uitgereikt aan de volgens het meest verdienstelijke speler.

2015-05-21 22.25.32

Terwijl de Ghelamco Arena na het fluitsignaal van de beslissende wedstrijd tegen Standard aan het feesten ging, bleef het stil in de Bruiloftstraat, waar het oude Ottenstadion is afgebroken en afgevoerd, net als de aanpalende villa waarin het secretariaat was ondergebracht. Waar bevond zich ook alweer de perszaal, waar de foto van Marc Van Peteghem hing, een krantencollega die verongelukte? Achter een wit hek lagen door de wielsporen van bulldozers werfborden en hopen aarde. Een straatlamp wierp zijn gele licht op de gevel van het lege en vervallen supporterscafé genaamd Buffalo en op de hoek van het perceel stond nog een van de vier lichtmasten eenzaam overeind. Als een tegendraadse totempaal, nog één keer terugblikkend over het vergane jachtveld. AA Gent, kampioen van België in een nieuw stadion dat de club een voorsprong geeft op de andere groten als Club Brugge, Anderlecht en Standard, het is er van gekomen.